Terug naar de kennisbank

Riolering van bouwwerken en lozingen beter geregeld

Interesse?

Download dan direct de PDF of lees eerst het beknopte overzicht.

Het Bouwbesluit 2012 is voor de riolering van bouwwerken van grotere betekenis geworden. Vergeleken met de versie 2003 is het Bouwbesluit uitgebreid met voorschriften voor de buitenriolering binnen de perceelgrens. Deze stonden voordien in de gemeentelijke Bouwverordening. Gemeenten kunnen de voorschriften verschillend invullen, met name bij hemelwater.

Voor de riolering van bouwwerken zijn er feitelijk voorschriften in drie lagen. Er is een aantal verplichtingen vastgelegd in het Bouwbesluit, een aantal in NEN 3215 en een aantal worden ingevuld door de gemeente. Het Bouwbesluit (artikel 6.16) schrijft voor dat de leidingsystemen van de riolering voor huishoudelijk afvalwater van een nieuw bouwwerk een afvoercapaciteit en een water- en luchtdichtheid moeten hebben die voldoen aan NEN 3215. Dat geldt ook voor de minimale afstand van de dakuitmondingen van ontspanningsleidingen ten opzichte van ventilatietoevoeropeningen. De bepalingsmethoden ten aanzien van die eisen staan in NEN 3215. Ook voor de capaciteit van de riolering voor hemelwaterafvoer (hwa) verwijst het Bouwbesluit (in artikel 6.17) naar NEN 3215. De voorschriften voor de lucht- en waterdichtheid van hwa-voorzieningen hebben alleen betrekking op de binnen het bouwwerk gelegen leidingsystemen. Artikel 6.18 bevat de voorschriften voor terreinleidingen. De eerste vier leden van dit artikel hebben betrekking op de bouwtechnische eisen die gesteld worden aan de uitvoering van terreinleidingen; het vijfde lid over de regels voor de (bouwtechnische) mogelijkheid om op de gemeentelijke riolering aan te sluiten.

Auteurs: W. (Will) Scheffer, TVVL Expertgroep ST en ir. R. (Rob) Hermans, Stichting Rioned

Lees meer in de PDF